JE EST UN AUTRE !

JE EST UN AUTRE !

Ik toon hier mijn dichtsels aan de wereld. Soms spiritueel en/of maçonniek, soms over de werkelijkheid en hoe ik haar zie en ervaar. Overname op andere blogs en sites is toegestaan maar graag wel met bronvermelding. Veel leesplezier

maandag 31 januari 2011

Maandag


Gister was het zondag
Gister was het rustdag
Koffiemetkoekjevanomadag
Dolcefarnientedag
Lekkerluiopdebankdag
Doemaargewoonwaarjezininhebtdag
Geenzinomtekokendag
Wordthetchineesofpizzadag
Moetenwealweernaarjouwmoederdag
Latenwenaarhetstrandgaandag
Etceteradag

Vandaag is maandag
Werkdag
Alshettochwerkdagismaakditversjedanookmaarzelfafdag

Dag

zaterdag 29 januari 2011

Tweesprong

De mens bereikt een tweesprong
Aan 't einde van zijn leven
Zelfs een heilige moet keuzes maken
Al is goed te doen zijn streven

De keus is licht of lichter
Ook dit is bijna zwart en wit
Het licht kan soms wel donker zijn
En zwaar is soms wel licht

Het groot probleem is dit
God is vaak een Dichter
Dan helder, dan orakel
Wil Hij zwart of lichter?

vrijdag 28 januari 2011

Opstand in Egypte

Volk komt in opstand
Elite kromt onder buit
Wat is er aan de hand
Is dictators sprookje uit?

Gister Tunis nu Caïro 
Volkswil, strijd en bloed
Ook al komt revolte hiero
Zielenpijn is ook niet goed

Rechten met voeten treden
Trap van boven naar beneden 
Werkte vroeger, niet in't heden

Mensen zoeken nu de vrijheid
Mensen zoeken nu de blijheid
Kost helaas veel bloed en strijd

Druppel

Waterdruppel op het raam
Miniatuurtjes in het oppervlak
Bolling als een heel klein oog
Vertekenend beeld, dan weer strak

Soms lijkt het de liefde wel
Soms enkel maar het leven
Dan weer net een kleurenboog
Soms wil het geen teken geven

Waterdruppel op het raam
Zakt heel langzaam naar benee
Laat alleen herinnering na
Gaf haar schoonheid heel gedwee

Als die druppels zich verzamelen 
Tot een kleine waterstroom
Denk ik niet aan levenswater
Enkel aan een boze droom

Druppels' schoonheid is gebroken 
Wereldbeeld uiteengespat
Nu is het gewoon weer regen
En die maakt je koud en nat

Zonnestraal schijnt koud

Zonnestraal schijnt koud
Het is nog lang geen zomer
Zonnestraal lijkt oud
Of ben ik nu een dromer?

Gister was de wereld jong
Scheen de zon een warme straal
Vogeltje dat vrolijk zong
Verwarmde mij toen allemaal

vandaag is het bitterkoud
Niet de dag waar ik van houd
Maar morgen schijnt de zon weer goud

Dan heeft de zon mijn huid gekust
En blijkt ze lang niet uitgeblust
Maar had gewoon wat uitgerust

Duiven

Twee duiven op het ijs,
Tortelen saam zo knus.
Dansen lieflijk om elkaar,
Maar wel met koude poten.

Net als de echtelijke sponde,
Ik noem haar dan ook: mijn duifje.

donderdag 27 januari 2011

Het vierde licht

                    
 
Werken lukt niet in het duister
'K wilde dat ik werd verlicht
Schijn mij nu maar bij met
Poëzie als vierde licht

dinsdag 25 januari 2011

Vlinder in mij

Er ligt een vlinder in het Atrium
Hij beweegt niet meer
Er ligt een vlinder in het Atrium
Hij is dood

De bard zong al over een vlinder 
Die verdronken was in hem
Of in mei
Of in mij

Deze haalde 't voorjaar niet
Die vlinder in ons Atrium
Hij reisde simpel af
Naar eeuwige fladdervelden

Er ligt een vlinder in het Atrium
Als teken van de lente
Ook al leeft het teken niet
Nog 4 maanden, dan is het mei

zaterdag 22 januari 2011

Troffel

De Troffel der liefde
De Troffel die kliefde

Zware tijden in het westen
Liefdeloos, gevuld met haat

Vormen haatgevulde stenen
Ooit een mooie tempelmuur?

Of is enkel liefde ons van nut
Om te stapelen ter volmaking

Laten we onze stenen klieven
Geven we “Elk zijn waerom”?

Banen we elk apart de paden
Van de reis die leven heet?

Het einde valt toch voor ons allen
Bijna op hetzelfde punt

Zodat de troffel die ooit scheidde
Uiteindelijk ons samenvoegt

vrijdag 21 januari 2011

Broedermaal

Vierkant rollen we van tafel 
Maag en hoofd gevuld
De avond was al vroeg begonnen 
Van dieper denken reeds vervuld 

Na een avond harde arbeid
Druk aan onze geest geschaafd
Geschouderd samen aan het werk
Onze geestesdorst gelaafd

Nu is het de tijd voor wijn
Kanonnen reeds gealigneerd
Spiritualiën en spiritualiteit 
Beide worden nu geëerd 

De glazen hoog geheven
De borden diep gevuld
Wij proosten op het hoogste
Van broederschap vervuld

Wetend dat we niemand zijn 
Tenzij met anderen verbonden
Enkel liefde tot die ander
Is wat we geven konden 

De avond loopt ten einde
De klok slaat elfder uur
De hoofden stralen vrolijk
Niet eentje kijkt er zuur

Vierkant rollen we van tafel 
Vierkant......
Maar....... 
Nog niet Kubiek

Inwijding

Marm'ren kubus
zwak glanzend in het maanlicht
azuren hemel
weerspiegeld in zijn oppervlak

ivoren torens
als wachters voor de eeuwigheid

duist're paden
door het levenswoud
kronkelwegen
op mijn levenspad

ivoren wachters
als torens voor de eeuwigheid

kronk'lend pad
te volgen op mijn reis
levenselixer
uit menig lichtend poel

ivoren eeuwigheid
als wachter voor de toren

fluist'rend woud
als muziek voor mijn schreden
eeuwig pad
wat voor mijn voeten ligt

ivoren eeuwigheid
als toren voor de wachters

flakk'rend licht
markeert het einde
Ithaka of Hades
de lange reis gaat door

Driespan

Driespan in galop door 't duister
Eindeloze tocht naar 't licht

Drie zwartwit gevlekte paarden
schoonheid beteugeld door 't bit

In volle vaart tussen twee kolommen
Komen ze met kracht tot stand

Vanaf de bok haast zich de wijze
Trap op, 3, 5, 9 treden tegelijk

Hij snelt naar de middenkamer
Op zijn knieën valt hij neer

Omarmt de kubus in verwarring
Het is donker, wordt niet helder

Komt licht niet uit volmaaktheid?
Waar te zoeken in de nacht?

Komt het licht uit inzicht?
Wijze opent nu zijn kleed

Een ster straalt in zijn borstkas
Vindplaats van 't ware licht

Vuur en vlam vecht tegen 't duister
Maakt van lange nacht weer dag

Warmte vloeit uit wijsheid's hart
Duister verliest, begrijpt het niet

Uren, dagen strijden in de schemer
Griffioenen schreeuwen over donder heen

Bliksemschichten verhelderen de arena
Titanenstrijd van zwart en wit

Uiteindelijk sneeft een van beide
Welk vertelt de mythe niet

Maar het bloedrood van de ochtend
Toont des duisters groot verdriet

Blue Monday

Druilen doet de regen.
Grauw is het zwerk.
Binnen geuren bloemen.
Dichter aan het werk.

Woorden vallen op hun plaats.
Als in een bloemenkrans.
Woorden op een blanco blad.
Choreografie wordt dans.

Blauwe maandag zeggen velen.
Depressief tot op het bot.
Maar zo niet de dichter.
Woorden rijgend als een God.

Open kijkend naar de wereld.
Glimlach trekt nu naar zijn oor.
ook al lijden zij aan maandagsomber.
Dichtertje is vrolijk, gaat ervoor.

Sloot

Er drijft een kerstboom in de sloot.
Symbool van vervlogen dagen.
Kabbelt zachtjes naar de kant.
Wiegend op de golven.

Is dit het einde van het feest,
verdrinken in een sloot?
Of zien we toch weer hoop,
kop boven water, hoe dan ook

Boom klampt zich aan de wal.
Gebruikt zijn moede takken.
Gaat soms kopje onder.
Maar worstelt en komt boven.

Het licht dat gaf hem zoveel kracht
Hij blijft maar dapper drijven.
Geen waterrat schrikt hem af.
Mijn held in duistere dagen.

Tot volgend jaar maar weer.
Dan staat je broertje hier.
En geeft jouw kracht dan door.
Lichtbrenger, Ster van 't Oosten

Silvesteravond

Hef het glas der glazen.
Een tweeklink op het jaar.
Het oud maar vooral het nieuw,
Laat de bubbels smaken,

Wat het ons brengen moge?
Dat jaar na deze nacht,
Welke richting dan te gaan?

Twijfel tempeest door 't hart.
Laat het steeds sneller slaan.
Wordt het zwart of wit of grijs?

De deur naar de toekomst.
Er wordt gescheld met donderslagen.
Witte rook stijgt op van straat.
Er is een keus gemaakt.

Kerst 2010

Buiten is het wit
Onschuld
Het journaal galt zwart
Schuld

Een schreeuw komt langzaam binnen
En raast op weg naar buiten
Ogen schieten vuur maar missen kracht
Verzengen nog geen vlokje sneeuw

De schoonheid ligt in evenwicht
Schuld en onschuld
Yin en Yang

Gelaten dansen goed en kwaad
Richting Wu Wei balansdag
Ik ga de Tao maar weer lezen

Queeste

Stieren spogen vuur en ik versloeg ze,
Omploegde met hun beenderen het veld.

Dan de tanden van de draak gezaaid,
Het zaaisel verslagen met mijn ruwe steen.

de wakkere draak gedood,
Het vlies gestolen.

En nu zit ik met een stinkend,
goudgespoten schaapsvel vol met wormen.

De queeste mooier dan't gewin,
men noemt deze reis dan ook wel leven

Dank aan Io

Blauwgroen staat hij in het wit
Koude poten in de sneeuw
De pauw in mijn tuin
Winterhard

1 man 2 vrouwen
Zag ze als kuiken komen
Schoonheid groeide met de dag
Nu bijna volwassen

Kan niet wachten tot de balts
Veren die betoverend uiteengaan
Een waaier van mannelijk schoon

Het oog van Argus op iedere veer
Verkregen door een moord
Hera schonk het ultieme mooi